De oude zenderzaal en de Nederlandse Omroep nu, via de website omroep.nl



Middengolfzenders van ca. 1939 tot 1966.




Van mei 1964 tot september 1968 ben ik als bedienings- en onderhoudstechnicus, werkzaam
geweest op het radiostation Lopik-radio. In die tijd heb ik nog gewerkt met de oude
middengolfzenders.   In 1966 werden de twee oude middengolfzenders in Lopik ontmanteld
en vervangen door twee nieuwe 120 KiloWatt zenders.

Dit was nodig omdat het overall-rendement van de oude zenders erg laag was en de
gebruikte zendbuizen zo langzamerhand van een verouderd type waren.

Het betrof de zenders welke te beluisteren waren in de middengolf op de frequenties van
746 Khz en 1007 Khz, respectievelijk Hilversum I en Hilversum 2.

Hilversum 3 bestond nog niet, doch zou een jaar later - beperkt voor wat betreft de uitzend-
tijden - deze zender starten in de middenngolfomroepband met een zendvermogen van 10 KiloWatt. 

De twee zenders waren gebouwd volgens het Doherty-principe. De modulatie vond
plaats in de trappen voor de vier hoogfrequent eindversterkertrappen. Deze eindtrappen
werden vervolgens, onderling uit fase, aangestuurd. De eindversterker van de zender bestond
uit zes identieke hoogfrequent vermogenversterkers, waarvan er steeds vier gelijktijdig in
gebruik waren. De modulatie in de voortrappen bepaalde de instelling van de hoog-
frequent eindbuizen. Grote modulatietransformatoren waren dus niet nodig.

Het bereikbare rendement lag echter op slechts 35%. Het verschil met de nieuwe zenders,
met toepassing van anode-modulatie, is dat het rendement daarvan ongeveer 60% is.

Voor het leveren van de diverse instelspanningen en gloei­stroom werden generatoren
gebruikt. Deze generatoren stonden opgesteld op de begane grond van het zendergebouw.
Door de (uiteraard) aanwezige koolborstels in deze generatoren werden diverse
ruimten in dit gebouw in de loop der jaren aardig voorzien van een zwart
laagje stof.....

In dezelfde ruimte bevonden zich eveneens de benodigde gelijkrichters, waarvan er een was
voorzien van een groot vat, gevuld met kwik!

Op een tussenverdieping bevonden zich een grote hoeveelheid reusachtige
afvlakcondensatoren.

De eindbuizen werden door middel van water gekoeld. De zenders waren geplaatst boven
in het gebouw,in de zogenoemde "zenderzaal" op de 1e verdieping (zie foto).
Door het gehele gebouw liep dus een stelsel van buizen om het koelwater aan- en af te voeren.
De hiervoor benodigde pompen bevonden zich in de kelder van het gebouw. Per minuut
"verbruikte" een eindbuis ca. 70 liter water!

Het gebouw was symmetrisch in twee delen opgedeeld voor wat betreft de plaatsing
van de pompen, generatoren, afvlakcondensatoren en zenders.
De ene kant was Hilversum 1 en de andere zijde Hilversum 2.

Werd er bij deze zenders waterkoeling gebruikt, bij de nieuwe zenders wordt gebruik gemaakt
van de zogenaamde stoomkoeling

Het belangrijke verschil is dat nu de vrijkomende warmte, ontstaan door het opgewek-
te zendvermogen, wordt aangewend voor de omzetting van water van 100 graden Celsius
in stoom van diezelfde 100 graden. Daar voor deze omzetting een belangrijke hoeveelheid
warmte nodig is (reeds aanwezig door het opgewekte vermogen van de zendbuizen), kan
worden volstaan met een slechts geringe hoeveelheid water, slechts 4 liter per minuut voor
elke eindbuis!

In het watercircuit van deze nieuwe zenders is een terugkoel­aggregaat opgenomen,
waarin de stoom condenseert, zodat een gesloten circuit ontstaat. Door een juiste constructie
van het terugkoelaggregaat kan de warmte die hierin vrij komt, worden benut voor
verwarmingsdoeleinden!

Bij de oude zendbuizen werd de gloeidraad gevoed met gelijkstroom, nu kan voeding door
wisselstroom plaats vinden. De waarde van de anodespanning bedroeg 20 KV!

De nieuwe zendbuizen volstaan met "slechts" 11 KV.


Door de geringe steilheid van de eindbuizen was een betrekkelijk hoog stuurvermogen vereist,
hetgeen weer inhield dat er een behoorlijk vermogen in de voortrappen (meerdere) moest
worden ontwikkeld.

De steilheid van de gebruikte eindbuizen in de nieuwe zenders is zeer groot, waardoor er
slechts een betrekkelijk gering stuurvermogen is vereist. Dit is van groot belang voor het
aantal voorversterkertrappen.

De gemiddelde levensduur van de eindbuizen bedroeg ongeveer 18.000 uur!



Tenslotte....

Het zendvermogen moet nog worden vervoerd naar de zendmasten. Dit zijn twee vertikale
masten met een hoogte van ca. 169 en 196 meter. Deze masten staan op een voet (kogel)
van isolatiemateriaal en worden door tuidraden rechtop gehouden. In de tuidraden zijn
uiteraard isolatoren opgenomen.

De voedingsleiding naar de antenne is toegepast in de vorm van een symmetrische tweedraads-
leiding van 500 Ohm. Aan de antennezijde is een aanpassing aangebracht tussen
de symmetrische 500 Ohm en de a-symmetrische zelfstralende antennemast.

Hiervoor is een balans/onbalans-transformatorschakeling opgenomen.

Tussen antenne en aarde is een netwerk opgenomen dat voor de eigen zendfrequentie een
hoge impedantie levert, terwijl de impedante voor de frequentie van de andere - in de direkte
omgeving staande - zender, zeer laag is. Hiermee wordt voorkomen dat een te grote
onderlinge beïnvloeding zou optreden.

Mocht er trouwens een zender "uitvallen" (hetgeen toch wel vaak gebeurde, gezien de lange
uitzendtijden), dan werd binnen twee minuten een 10 KiloWatt zender opgestart. Voor elke
zender was een dergelijke "noodzender" aanwezig. Deze twee zenders stonden opgesteld in
IJsselstein, op de plaats waar voorheen de allereerste TV-zender (mast zender) was gesitueerd.
Deze noodzenders waren overigens luchtgekoeld....


Eén van deze zenders is dienst gaan doen in 1967 (?) als Hilversum 3. Doordat werd uitge-
zonden op een frequentie die elders in Europa reeds werd gebruikt, waren de
uitzendtijden - afhankelijk van het seizoen ivm. de propagatie - wisselend.

Mede in verband met diezelfde propagatie werden trouwens ieder kwartaal
of half jaar, dat ben ik even kwijt), in het Audio Schakel Centrum (ASC)te Hilversum,
de lijnen "omgeprikt" waardoor de zendgemachtigden, VARA en AVRO enerzijds en
KRO en NCRV anderzijds.(ik houd mij maar bij de toen meest voorkomende omroepen),
van frequentie wisselden!

NB!
De "nieuwe" zenders, hierboven eveneens genoemd, zijn inmiddels alweer ter ziele en
vervangen door andere, in omvang weer kleinere zenders......


Zendmast gaat plat!

Nozema gaat op 21 augustus 2004 één van de drie AM zendmasten, die sinds 1938 de
sky-line van de Lopikerwaard bepalen, neerhalen. Precies vier maanden na ondertekening
van het convenant Zenderproblematiek Lopikerwaard komt Nozema haar belofte na en wordt
de noordelijke zendmast afgebroken. Op zaterdag 21 augustus zullen door middel van explosieven
de tuien aan één zijde van de mast gelijktijdig worden doorgesneden.
De 165 meter hoge zendmast zal in het weiland naast het hoofdkantoor van Nozema terechtkomen.
In verband met de veiligheid hebben de gemeenten Lopik en IJsselstein een noodverordening
uitgevaardigd waarin een veiligheidszone van 300 meter rondom de zendmast is opgenomen.
Het gebied, met een straal van 300 meter rondom de zendmast, is verboden terrein.

Convenant

Nozema heeft het als haar maatschappelijke verantwoordelijkheid gezien om samen
met de gemeenten IJsselstein, Lopik, Montfoort en het ministerie van Economische
Zaken, onder voorzitterschap van de provincie Utrecht een akkoord te bereiken
waarmee een eind is gekomen aan de storingsklachten over de middengolf (AM)
radiozendmasten in de Lopikerwaard.
Met het neerhalen van de noordelijke zendmast en het definitief verlagen van het
uitgezonden vermogen van 240 kWatt naar 100 kWatt voor de dagelijkse uitzendingen
plus 40 kWatt reserve is een reeds vele jaren bestaand probleem opgelost.

Geschiedenis

Met de afbraak van de noordelijke zendmast verdwijnt er een stukje van de
66 jarige AM radiohistorie. In de oorlogsjaren is de mast gebruikt voor
uitzendingen van Radio Bremen. Van 1945 tot 1980 hebben uitzendingen van
Hilversum I en II plaats gevonden. Velen hebben dankzij deze AM mast geluisterd
naar programma’s als De Bonte Dinsdagavond trein, In antwoord op uw schrijven,
Kleutertje luister, de detectieve Paul van Vlaanderen, De familie Doorsnee,
Showboot, dansorkest de Ramblers en Negen heit de klok.


Copyright © 2005, www.sixties.nu